,,Hola hola". Spleen de Steenmarter kon Kranige Krik niet meer op tijd waarschuwen. Met een doffe plof viel Krik in een grote plas modder. Hier was even niets meer kranigs aan te ontdekken.
,,Pas dan ook op , waarde vriend", giechelde Spleen. ,,Moet je kijken hoe je er nu weer bij ligt."
Inderdaad. Kranige Krik was met zijn neus in de modder gevallen. Zijn bril was besmeurd met zwarte vlekken, zijn trui met zwarte gaten was nu helemaal zwart. Zijn witte sokken met daaromheen rode sandalen zagen er , zoals eigenlijk alles aan het kranige dikke mannetje, niet meer uit.
,,Waarom waarschuw je me altijd zo laat Spleen?..kijk mij nu eens...alles vies en smerig...alsof ik al niet genoeg stink."
Kranige Krik probeerde op te staan maar gleed opnieuw uit en viel nu op zijn rug in de modderplas. Beteuterd keek hij omhoog de donkere nacht in.
,,Spleen, jij met die nachtogen van jou...zou jij ook niet eens een bril overwegen?"
,,Voor dieren zoals ik zijn er geen brillen, vriend. Ik hou meer van mijn neus...daarom ben ik ook zo graag in jouw bijzijn. Geloof me, je stinkt minder dan de meeste mensen."
,,Vast wel...jij ruikt alleen de burgerlijkeid zoals jij dat noemt...hoe zeg je dat ook al weer?...de ph-waarde van de.....
Opeens hield Kranige Krik op met praten. Ook met proberen op te staan trouwens. Hij schoof zijn billen zelfs wat vaster in de modder zo leek het. Hij had het naar zijn zin. Daar in die modderplas. Recht onder de vallende nacht.
,,Wel, kijk eens aan Spleen. Zie je die vallende sterren? Het zijn niet de sterren die we normaal zien vallen. Dit zijn bijzondere Spleen...dit zijn sterren die naar elkaar toevallen. Het zijn mijn ouders. Ik zie ze zo zitten. Plat tegen de ramen geplakt.
Pa in de Skoda...hij is hem aan het duwen. Ma in haar kanariegele Fiat. Haar knipperlicht blinkt rechts...wedden dat ze links afslaat?"
,,Kom vriend", zei Spleen opeens wat verontrust. ,,Begin hier nu niet weer over...laten we verder lopen..de nacht in of uit...jij mag het zeggen."
Maar Kranige Krik was niet van plan om op te staan. Dwars door zijn beslagen bril keek hij de lucht in. Vanaf zijn neus stroomde de modder over zijn gezicht. De zwarte gaten in zijn trui waren zwarter dan zwart.
,,Ga jij maar even allen verder Spleen", zei Krik. ,,Ik wacht even op mijn moeder en dan wil die Skoda helpen aanduwen voordat mijn vader alle sterren naar beneden gaat vloeken."
,,Oke dan...jij je zin...ik laat je niet alleen...je bent mijn vriend." De trouwe steenmarter begon zijn staart te wassen. Met zijn donkere kraaloogjes volgde hij de blik van Krik die steeds verder wegzakte in de modder. Alleen zijn neus stak nog iets uit de plas.
,,Wat allemachtig zullen we nu weer beleven?" Spleen keek hoe de twee sterren met een duizelingwekkende vaart richting het zwarte gat in de trui van Krik vlogen."
,,Vriend Krik...pas op...PAS OP!!!
Abonneren op:
Reacties plaatsen (Atom)
0 reacties:
Een reactie plaatsen